meerdere eigenaren toegangsweg en erfgrens
Naast ons erf loopt een pad naar 2 achterliggende buren. Met zijn drieën zijn wij eigenaar van een deel van het pad.
Er stonden eerst grote bomen langs het deel van ons gezamenlijke pad, gelegen aan ons grond, die hebben we gezamenlijk gekapt.
Om die leegte op te vullen hebben we kleinere bomen geplaatst.
De achterliggende buren hebben verder geen erf/grond liggen aan dit gedeelde pad. Alleen wijzelf.
Nu zegt een van de buren, dat die vervangende bomen 2 meter van het pad af moeten staan.
Hebben zij daar recht toe?


Vraagbaak
als u binnen twee meter van andermans erfgrens de bomen heeft geplant hebben de buren inderdaad gelijk. Bomen moeten minimaal 2 meter uit de erfgrens met buren worden geplant.
als u de vorige bomen hebt gekapt en stonden deze binnen de erfgrens moet u de nieuwe minimaal 2 mtr. uit de erfgrens plaatsen.
Helpdesk
Toch een aantekening hierbij. Er zijn meerdere redenen denkbaar waarom die tweemetereis in casu niet hoeft te gelden!
Ik sluit het niet uit (maar heb er ook niet naar gezocht in de jurisprudentie) dat bij bomen die als zaaksvervanging van oude bomen op dezelfde plek worden geplant, men de verjaringstermijn m.b.t. de vorige bomen mag meetellen.
Maar zeker is wel dat er een uitspraak ligt van de Rijdende Rechter waarin een boom die formeel wel binnen 2 meter van de kadastrale erfgrens stond, toch mocht blijven staan. Dat was omdat er een pad langs liep met een erfdienstbaarheid voor anderen. Daarom ging de Rijdende Rechter uit van de "effectieve" erfgrens, de grens tussen dat pad en de eigenlijke tuin van de klagers. Díé afstand was méér dan twee meter en daarom mocht de boom toch blijven staan. De eigendom van dat pad telde daardoor niet mee!
Het kán zijn dat in de situatie van Boompjes zich iets soortgelijks voordoet en dat naar analogie redenerend uitgegaan moet worden van een "effectieve grens", die anders kan liggen dan de echte eigendomsgrens.
Ook is het mogelijk dat de gezamenlijke eigenaars van het pad geen verwijdering van de bomen kunnen vorderen, gezien de strekking van de bepaling en naar analogie van de wettelijke bepaling die zegt dat het bomenverbod binnen twee meter niet geldt als een perceel een openbare weg is (het pad is daarmee te vergelijken en in die zin ook de hiervoor vermelde uitspraak van de Rijdende Rechter).
Verder: als dat pad gezemenlijke eigendom is (zelfs een erfdienstbaarheid van weg/overpad kun je als een stukje mede-eigendom zien en wel van de eigenaar van het heersende erf), kan er alleen gezamenlijk over worden besloten (dus niet door één mede-eigenaar of medegerechtigde alleen) en dat moet unaniem gebeuren. Dat geldt ook voor de vordering tot verwijdering van te naburige bomen of struiken.
En: een verordening of een plaatselijke gewoonte kan een kleinere afstand bepalen dan 2 meter. Het feit dat er al eerder en nog niet zo lang geleden langdurig bomen stonden op dezelfde plek, kan als zo'n plaatselijke gewoonte worden uitgelegd.
Relevant artikel: art. 5:42 B.W.