Artikel 8. Verder verloop van de procedure, algemeen
1. De Rijdende Rechter ziet er op toe, dat partijen op voet van gelijkheid worden behandeld. Hij geeft iedere partij de gelegenheid voor zijn rechten op te komen en zijn stellingen voor te dragen. Het beginsel van hoor en wederhoor wordt te allen tijde gerespecteerd.
2. De Rijdende Rechter bepaalt in samenspraak met de producent en de omroep de wijze waarop de opnames plaatsvinden. Daarbij wordt rekening gehouden met gerechtvaardigde eisen van de producent en de omroep, waar het gaat om invulling van het programma format, televisieregie en opnametechniek.

