Bindend Advies Reglement

De Rijdende Rechter

Hieronder leest u de artikelen van het Bindend Advies Reglement "De Rijdende Rechter", editie van november 2009 © Frank Visser.
Als u een conflict aanmeldt, hoeft u dat niet samen met uw tegenstander te doen. Aangezien De Rijdende Rechter een uitspraak doet die bindend is, is het wel van belang dat de wederpartij wil meewerken. Het team redacteuren zet zich hier volledig voor in. Het bindend maken van de uitspraak gebeurt door de ondertekening van de zogenaamde Bindend Advies Overeenkomst.

Artikel 1. Definities

In dit reglement hebben de volgende woorden en uitdrukkingen de volgende betekenis: a. Het programma: het televisieprogramma waarin partijen conflicten voor bindend advies voorleggen aan de Rijdende Rechter, zoals bedoeld in dit artikel onder d. b. De omroep: de omroep (NCRV) die via de aan haar ter beschikking staande media het programma zal uitzenden. c. De producent: de producent van het programma. d. De Rijdende Rechter: de in artikel 3 bedoelde persoon alsmede zijn plaatsvervanger(s). e. De eiser: degene die een conflict aan de Rijdende Rechter voorlegt voor bindend advies. f. De verweerder: degene die akkoord gaat met bindend advies in een aan de Rijdende Rechter voorgelegd conflict. g. De secretaris: de in artikel 4 bedoelde perso(o)n(en). h. De overeenkomst: de overeenkomst zoals bedoeld in art. 6. i. De schikking: een in het kader van het programma tussen partijen bereikte schikking. j. Het bindend advies: een door de Rijdende Rechter in het kader van het programma gegeven bindend advies. k. De hoorzitting: de mondelinge behandeling van het conflict. l. Het reglement: dit reglement (Editie november 2009).

Artikel 2. Toepassingsgebied

Dit reglement is van toepassing indien partijen zijn overeengekomen op basis daarvan een tussen hen bestaand of dreigend conflict voor bindend advies voor te leggen aan de Rijdende Rechter. Dit reglement wordt partijen voor of bij het ondertekenen van de hierna in artikel 6 bedoelde overeenkomst ter hand gesteld. Door ondertekening van deze overeenkomst onderwerpen zij zich aan dit reglement.

Artikel 3. Rijdende Rechter

1. De Rijdende Rechter is Mr. Frank Visser. De Rijdende Rechter kan bij ziekte, verschoning of andere dringende noodzaak, met toestemming van de omroep, een plaatsvervanger benoemen. 2. De producent en de omroep garanderen dat zij de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van de Rijdende Rechter te allen tijde zullen respecteren. 3. De Rijdende Rechter behoort onpartijdig en onafhankelijk te zijn. Hij mag geen nauwe persoonlijke of zakelijke banden met een der partijen hebben. Hij mag geen rechtstreeks persoonlijk of zakelijk belang bij de afloop van de zaak hebben. 4. Het is de Rijdende Rechter niet toegestaan voorafgaande of gedurende de behandeling van het conflict contact te hebben met een der partijen, buiten aanwezigheid van de andere partij, omtrent aangelegenheden die het conflict betreffen, dit behoudens voorafgaande toestemming van die andere partij. 5. De Rijdende Rechter kan te allen tijde weigeren een aan hem voorgelegd conflict te behandelen, indien hij dit vanwege de aard daarvan ongeschikt acht voor het programma. De reden daarvan zal aan partijen worden medegedeeld. 6. De Rijdende Rechter kan zich te allen tijde verschonen. De reden daarvan zal aan partijen worden medegedeeld.

Artikel 4. Secretaris

1. De producent benoemt in samenspraak met de omroep een of meer secretarissen, die de Rijdende Rechter ter zijde staan. Daarvoor is de instemming vereist van de Rijdende Rechter, Mr. Frank Visser. 2. De producent en de omroep garanderen dat zij de onpartijdigheid en de onafhankelijkheid van de secretaris te allen tijde zullen respecteren.

Artikel 5. Aanvraag bindend advies

1. Aanvragen voor een bindend advies worden door de producent in samenspraak met de secretaris beoordeeld op hun geschiktheid voor behandeling in het kader van het programma.
2. Indien een aanvraag daartoe is uitgekozen wordt deze in handen gesteld van de secretaris.

Artikel 6. Inleiding van de procedure

1. Nadat een aanvraag in handen is gesteld van de secretaris, vergewist deze zich ervan of beide partijen toestemmen in een bindend advies in het kader van het programma. Zo ja, dan wordt door de secretaris een overeenkomst opgesteld.
2. De overeenkomst bevat de volgende gegevens:
a. de naam en het adres van de eiser;
b. de naam en het adres van de verweerder;
c. een korte omschrijving van het conflict;
d. een korte omschrijving van de standpunten van partijen;
e. de vordering van de eiser en (eventueel) de tegenvordering van de verweerder, zoals bedoeld in artikel 7.
f. een verwijzing naar de toepasselijkheid van dit reglement.
3. Nadat een exemplaar van dit reglement aan beide partijen ter hand is gesteld en de overeenkomst door beide partijen is ondertekend neemt de procedure formeel een aanvang. De secretaris doet beide partijen een afschrift van de overeenkomst toekomen.
4. In geval van spoed kan een voorlopige, summiere overeenkomst worden opgesteld, die partijen bindt. Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing. Nadat de definitieve overeenkomst door beide partijen is ondertekend, treedt deze in de plaats van de voorlopige overeenkomst.
5. Beide partijen mogen een schriftelijke nadere toelichting indienen. Zij zenden kopieën van alle relevante en ter zake doende stukken naar de secretaris. De secretaris zendt na ontvangst onverwijld een kopie toe aan de tegenpartij. Alle stukken dienen minimaal vijf dagen voor de hoorzitting door de secretaris te zijn ontvangen. De secretaris kan in het belang van een goede procesorde besluiten een kortere termijn te gunnen.
6. Overlegging van verdere schriftelijke stukken voor of tijdens de hoorzitting is alleen toegestaan indien dit naar het oordeel van de Rijdende Rechter niet in strijd komt met de eisen van een behoorlijke procesorde, meer in het bijzonder het recht op hoor en wederhoor.

Artikel 7. Tegenvordering

1. Een tegenvordering is toelaatbaar, mits deze voldoende samenhangt met het aan de Rijdende Rechter voorgelegde conflict. Bij gebreke van voldoende samenhang zal de Rijdende Rechter de tegenvordering niet-ontvankelijk verklaren.
2. Een tegenvordering dient in de overeenkomst zelf te worden opgenomen. Daarna kan een tegenvordering niet meer worden ingediend.

Artikel 8. Verder verloop van de procedure, algemeen

1. De Rijdende Rechter ziet er op toe, dat partijen op voet van gelijkheid worden behandeld. Hij geeft iedere partij de gelegenheid voor zijn rechten op te komen en zijn stellingen voor te dragen. Het beginsel van hoor en wederhoor wordt te allen tijde gerespecteerd.
2. De Rijdende Rechter bepaalt in samenspraak met de producent en de omroep de wijze waarop de opnames plaatsvinden. Daarbij wordt rekening gehouden met gerechtvaardigde eisen van de producent en de omroep, waar het gaat om invulling van het programma format, televisieregie en opnametechniek.

Artikel 9. Dagbepaling

De Rijdende Rechter bepaalt in samenspraak met de producent datum en plaats van de hoorzitting(en). Deze worden door de secretaris aan partijen medegedeeld.

Artikel 10. De hoorzitting(en)

1. De Rijdende Rechter kan zitting houden op elke plaats, in of buiten Nederland, die hij daartoe geschikt acht.
2. De Rijdende Rechter leidt de hoorzitting.
3. De Rijdende Rechter geeft aan partijen de gelegenheid hun standpunten tijdens de hoorzitting toe te lichten. Indien de Rijdende Rechter dit nuttig oordeelt, kan hij zich voorafgaande of na afloop van de hoorzitting naar elke plaats begeven, om de situatie ter plaatse op te nemen.
4. Indien een partij, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet op de hoorzitting verschijnt, kan de behandeling van het conflict aldaar toch doorgang vinden.
5. De Rijdende Rechter kan behalve de partijen zelf, door partijen opgegeven getuigen, deskundigen en andere personen (als informant) ter zitting horen.

Artikel 11. Vertegenwoordiging en bijstand

1. Partijen bepleiten in beginsel hun eigen zaak.
2. Minderjarigen en andere handelingsonbekwame personen dienen te worden vertegenwoordigd door hun wettelijke vertegenwoordiger. Rechtspersonen wijzen een vertegenwoordiger aan. De Rijdende Rechter kan ook overigens vertegenwoordiging en bijstand toestaan.

Artikel 12. Bewijs

De toelaatbaarheid van de bewijsmiddelen, de bewijslastverdeling en de waardering van het bewijsmateriaal staat ter vrije beoordeling van de Rijdende Rechter.

Artikel 13. Getuigen

1. De Rijdende Rechter bepaalt of en zo ja, welke getuigen worden gehoord.
2. Indien een partij getuigen gehoord wil zien, dient hij deze zelf mee te nemen naar de hoorzitting. De tegenpartij en de secretaris dienen daarvan tijdig te worden verwittigd. Met toestemming van de tegenpartij kunnen ook niet behoorlijk aangezegde getuigen worden gehoord. Dit alles onverminderd de in lid 1 verwoorde vrijheid van de Rijdende Rechter, om de voorgestelde getuigen al dan niet te horen.
3. De Rijdende Rechter mag op eigen initiatief op de hoorzitting verschenen personen als informant horen.